Kolencentrales Elbe oneconomisch en ongeschikt

| 9 december 2008

De universiteit van Flensburg heeft een onderzoek gedaan naar de economie van geplande nieuwe kolencentrales langs de Elbe met een totaal vermogen van 3.200 MW. De conclusies onderschrijven de theorie dat kolencentrales niet passen bij windenergie. De exploitatie blijkt grote economische risico’s te hebben en verdraagt zich door de geringe flexibiliteit niet met de te verwachten grote vermogens windenergie (offshore). 

Deze hebben voorrang bij de netinvoeding waardoor de kolencentrales aanzienlijke perioden niet kunnen produceren. In plaats van de door de investeerders verwachte 7.000 – 8.000 vollasturen mag volgens de studie op niet meer dan 4.000 – 6.200 vollasturen gerekend worden. Dat is te weinig voor een rendabele investering. Bovendien dreigt de bedrijfstijd nog eens extra bekort te kunnen worden door onvoldoende koelwater in warme perioden. De studie stelt dat het om economische reden is af te raden om deze centrales te bouwen.

Studiebegeleider Olav Hohmeyer (die lang geleden al de maatschappelijke kostenvoordelen van duurzame energiebronnen wetenschappelijk berekende en daarmee de basis legde voor het Duitse feed-in tarief), zegt dat de economie in het voordeel werkt van klimaatbescherming en tegenstanders van kolen- en kernenergie. “Gasgestookte eenheden zijn altijd voordeliger en in het algemeen moeten we ons vooral richten op infrastructuur die de duurzame bronnen ondersteunt, zoals opslagmethoden of bovenregionale netstructuren”.

Woordvoerder Rainer Baake van de Duitse Umwelthilfe (opdrachtgever van de studie) zegt dat vele politici nog niet begrijpen dat de toename van duurzame energie en de oude fossiele basislasteenheden niet samengaan en in toenemende mate tot conflicten in het stroomsysteem leiden. De in oktober opgetreden negatieve prijzen aan de stroombeurs zijn hiervan volgens hem de eerste objectieve tekenen.

Dat kolencentrales leiden tot gigantische maatschappelijke kosten bleek onlangs nog eens uit een studie door Chinese wetenschappers in opdracht van Greenpeace, Wereld Natuurfonds en een Amerikaanse energiestichting. In 2006 en 2007 werd daar ruim 90.000 MW kolenvermogen per jaar in gebruik genomen (90% van het totale nieuwe vermogen).

De uitstoot van vervuilende stoffen kwam de maatschappij in 2007 op een kostenpost van 250 miljard Dollar te staan. Voor de kosten door ongelukken in de kolenmijnen moet daar nog 23% bij worden opgeteld. (Neue energie, december 2008) In september adviseerde de Energieraad om het probleem van de basislast bij kolencentrales (en het CO2-probleem) op te lossen met kolenvergassing en opslag van CO2.

Een dergelijke centrale levert wel basislast maar kan naar behoefte gas (als er geen stroom nodig is bij een hoog windaanbod) of elektriciteit leveren. Zie hieronder bij kolenvergassing. Vandaag werd bekend dat Shell en Essent een samenwerkingsovereenkomst hebben getekend voor onderzoek naar de mogelijke bouw van een dergelijke centrale.

Category: Netaanpassing Subsidie

Comments Closed

Reacties zijn gesloten.